Kamervragen van Krista van Velzen (SP)
Vragen van het lid Van Velzen (SP), Brinkman (PVV) en Pechtold (D66) aan de staatssecretaris van defensie en de minister van economische zaken over budgettekorten voor de vervanging van de f16.
Vraag 1: Bent u beiden bekend met het document van oktober 2005 van de Defensie Materieelorganisatie – projectteam vervanging F16 dat in handen van KRO Reporter is gekomen?
Wat is de betekenis van de mededeling ‘De defensiestaf kan vervangingsscenario 3c’ met moeite inpassen in het Defensieplan, voor het overige resterende deel van de capaciteit (voorlopig 33 toestellen) zijn thans nog aanvullende fondsen tot 2025 maar te weinig om scenario 3c’ in zijn geheel te kunnen accommoderen’ ?
Is ons conclusie juist dat uit dit interne document blijkt dat er sprake was van een budgettekort? Zo nee, waarom niet?
Is het juist dat de Kamer niet geïnformeerd is over dit budgettekort? Waarom heeft u er voor gekozen deze belangrijke informatie niet met de Kamer te delen?
Sinds wanneer is het ministerie van economische zaken op de hoogte van deze budgetproblemen?
Vraag 2 : Kent u de argumentatie zoals in bovengenoemd document verwoord dat indien Nederland een lager planningsaantal zou gaan hanteren in het PSFD MoU, dan ‘zullen de industriële werkpakketten voor Nederland vrijwel zeker neerwaarts worden bijgesteld om die in lijn te brengen met het bestelvolume van de eerste batch’ ?
Deelt u onze mening dat indien het plangetal van 85 irreëel want onbetaalbaar bleek te zijn, dit aan de Kamer maar ook aan de JSF partners gemeld had moeten worden? Deelt u onze mening dat uit deze documenten blijkt dat er doelbewust een te hoog plangetal gehanteerd bleef worden om de Amerikaanse industrie zand in de ogen te strooien?
Deelt u onze mening dat dit bedrog is?
Vraag 3: Kent u de formulering in hetzelfde document over het hanteren van een toen irreëel plangetal van 85 ‘Voorts is aangegeven dat dit aantal wordt gehanteerd voor externe communicatie en als planningsaantal voor de PSFD MoU onderhandelingen’ ?
Deelt u ons mening dat hier willens en wetens een belangrijk gegeven, namelijk dat u geen mogelijkheden had om 85 JSF toestellen aan te schaffen, verzwegen werd? Zo nee, waarom niet?
Vraag 4: Waarom bent u in de jaren na 2005, tot op de dag van vandaag, blijven werken met het plangetal 85? Kunt u hardmaken dat er nu wel voldoende geld beschikbaar is om deze enorme hoeveelheid vliegtuigen aan te schaffen?
Vraag 5: Kunt u verklaren waarom u niet in 2005 maar pas jaren later het budget voor de vervanging van de JSF aanzienlijk verhoogd heeft en daarbij niet verwees naar de budgettekorten die al in 2005 bekend blijken te zijn?
Vraag 6: Kunt u verklaren waarom uw voorganger Van der Knaap de Kamer steeds heeft voorgehouden dat alle opties open blijven terwijl Defensie toen al wist dat 85 toestellen aanschaffen onhaalbaar was? Waarom gaf uw voorganger Van der Knaap antwoord op schriftelijke vragen (1= Lijst van vragen en antwoorden, 26488-34, 7-10-2005) aan dat "Nog wordt bezien wat de kwantitatieve behoefte aan jachtvliegtuigen is" terwijl alle verschillende scenario’s al uitgebreid bekeken en vastgelegd waren en duidelijk was dat er geen budget zou zijn voor de aanschaf van 85 JSF’s?
Vraag 7: Was de Nederlandse industrie op de hoogte van het feit dat al in 2005 intern bekend was dat het plangetal van 85 JSF’s onhaalbaar was? Deelt u onze mening dat de businesscase aangepast had moeten worden op basis van deze informatie? Wanneer is Lockheed Martin op de hoogte gebracht van de financiële onhaalbaarheid van het aanschaffen van de 85 JSF’s?
Vraag 8: Is het verzwijgen van de onhaalbaarheid van 85 JSF’s onderdeel van de huidige arbitrage tussen de Staat en de industrie over het afdrachtspercentage op basis van de business case?
Vraag 9: Wat is de reden dat deze arbitrage nog steeds voorsleept en wanneer zal nu eindelijk het afdrachtspercentage vastgesteld worden?
Vraag 10:
Kunt u aangeven of de verwachting dat er tussen de 4500 en 6000 toestellen geproduceerd gaan worden nog reëel is? Zo nee, wat betekent dit voor de stuksprijs van de Nederlandse toestellen, de aantal aan te schaffen toestellen en het werkaandeel van de Nederlandse industrie?